zelfhulp - laagdrempelige hulp - psychotherapie - lichttherapie
Pillen
De meest gebruikte medicijnen bij depressie, antidepressiva, beïnvloeden de stoffen in het lichaam die gevoelens en stemmingen bepalen. Bij meer dan de helft van de patiënten leiden antidepressiva tot vermindering van de depressie. Dit effect is zichtbaar vanaf twee tot vier weken na het begin van het gebruik. De omgeving ziet vaak al wel eerder veranderingen.
Antidepressiva zijn niet verslavend, maar hebben wel bijwerkingen. Deze verschillen per gebruiker en per soort. Overleg daarom met de arts over het antidepressivum dat het beste bij u past. Vaak genoemde bijwerkingen zijn: sufheid, slaperigheid, een droge mond, wazig zien, duizelingen, misselijkheid, hoofdpijn, transpireren, hartkloppingen, verstopping en afname van seksuele gevoelens. Meestal verminderen de bijwerkingen na verloop van tijd.
Voor een goed resultaat is het belangrijk de medicijnen lang genoeg, zeker zes tot negen maanden, te gebruiken. Verder is het noodzakelijk het gebruik langzaam af te bouwen, in overleg met de behandelaar, in verband met mogelijke onttrekkingsverschijnselen.
Totdat de antidepressiva aanslaan, kunnen ook kalmerings- of slaapmiddelen verlichting bieden. Deze middelen werken direct en helpen tegen slapeloosheid, angstgevoelens, spanning en onrust. Aangezien deze middelen verslavend werken en zelfs een averechts effect kunnen hebben op de depressie, wordt aangeraden deze kalmerings- of slaapmiddelen met tussenposes niet langer dan ongeveer drie weken te gebruiken.
Heeft u vragen over antidepressiva dan kunt u contact opnemen met: De Psychische Gezondheidslijn van het Fonds Psychische Gezondheid, tel: 0900-9039039, € 0,20 ct/min (werkdagen van 10.00 - 16.00 uur). Of de Geneesmiddeleninformatielijn, tel: 0900-9998800, € 0,15 ct/min (werkdagen van 10.00 - 16.00 uur)